In de kijker : schoenmaat meten

 

De schoenmaat meten

Kinderen zijn in de groei. Dit betekent dat ook hun schoenmaat, al naargelang de leeftijd, elk jaar gemiddeld met 2 of 3 maten toeneemt (elke schoenmaat komt overeen met een toename van 6,6 mm). Bijgevolg moet de schoen, weerom al naargelang de leeftijd, tussen de 9 en 15 mm langer zijn dan de voet zelf.

Bij jonge kinderen is het nuttig om de voeten elke 2 à 3 maand eens op te meten, om er zeker van te zijn dat de schoenen die het kind draagt niet te klein geworden zijn. Een jong kind kan immers zelf niet aangeven of de schoenen te strak zitten.

Bij Stap-Stap meten we met plezier de voeten op, zonder enige verplichting! Wij maken hiervoor gebruik van een voetmeter van Naturino.

 

 

 

Zélf de schoenmaat meten

Met behulp van een voetmeter die je afdrukt op papier kan je eventueel zelf de schoenmaat van je kind meten. Ga daarvoor als volgt te werk:

1. Klik hier om de voetmeter te downloaden1.
=> Een nieuw venster opent en toont de voetmeter.

2. Druk de voetmeter af op een A4 papier.

3. Leg de voetmeter op een vlakke, harde ondergrond.

4. Laat het kind met de rechtse voet op de voetmeter staan. Het is belangrijk dat …
- het kind goed rechtop staat. De voet zet immers wat uit bij het recht staan.
- de hiel goed tegen het aangegeven punt op de voetmeter staat.

5. Lees bij de tenen de maat af.

6. Laat het kind met de linkse voet op de voetmeter staan en meet opnieuw. Het is mogelijk dat de voeten niet even groot zijn. In dat geval bepaalt de grootste voet de maat.

 

Merk op dat de voetmeter de schoenmaat aangeeft en niet de voetmaat. Dit wil zeggen dat je geen extra maat moet bijtellen om aan de schoenmaat te komen. Als je op de voetmeter bijvoorbeeld "24" afleest, dan is dat de schoenmaat die je dient te nemen!

 

 

 

Schoenen passen

De maat nemen is slechts het halve werk! Elke schoen is verschillend, zelfs binnen éénzelfde maat (dit hangt af van merk en model). Een schoen moet dus ook gepast worden. Ga daarvoor als volgt te werk:

1. Doe de rechtse schoen aan de rechtse voet. Maak de schoen echter nog niet vast.

2. Laat het kind goed rechtop staan.

3. Laat het kind met de voet naar voren schuiven tot de tenen tegen de neus van de schoen komen (echter zonder dat de tenen krullen!).

4. Probeer je wijsvinger achter de hiel van de voet te schuiven, tot op de zool. Indien je je wijsvinger ...
- niet of héél moeilijk achter de hiel kan schuiven, dan is de schoen te klein.
- achter de hiel kan schuiven maar je kan hem naar voor en achter bewegen, dan is de schoen te groot.
- achter de hiel kan schuiven zonder al te veel moeite
2, dan past de schoen. In dit geval heeft de voet de bewegingsvrijheid (tussen de 9 en 15 mm) die hij nodig heeft om te groeien.

 

5. Doe de linkse schoen aan de linkse voet en herhaal stap 2 en 3.

 

Merk op dat je niet alleen op de lengte van een schoen moet letten, maar ook de breedte (voor kinderen met smalle/brede voeten), de hoogte (voor kinderen met een hoge wreef), enzovoort. Laat het kind dus eens rondlopen met beide schoenen aan en kijk hoe de schoenen aan de voet passen (blijven ze goed aan, zijn er geen valse plooien, enzovoort).

Bij Stap-Stap helpen we met plezier om de best passende schoenen te kiezen!

 




  1. Om dit bestand te openen heb je Adobe Acrobat Reader nodig. Je kan dit programma gratis downloaden van de website van Adobe.
  2. Een klein beetje weerstand is niet abnormaal.